MENU

Aansprakelijkheid in de bouw

Tijdens een bouwproces zijn er een hoop partijen betrokken. De opdrachtgever, de gemeente, de aannemer, onderaannemers en dus met ingang van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) ook Kwaliteitsborgers. Dan rijst de vraag wie heeft welke verantwoordelijkheid en hoe zit het met de aansprakelijkheid na ingang van de Wkb? Met de Wkb wordt immers de positie van de opdrachtgever en/of bouwconsument versterkt en ligt de bewijslast bij de aannemer.

Welke partijen zijn er betrokkken binnen de Wkb?

In de Wkb blijft de groep betrokkenen bij het bouwproces voor het grootste gedeelte gelijk aan de situatie daarvoor. Het bouwproces begint uiteraard met een opdrachtgever (projectontwikkelaar, vastgoedpartij etc.). Dit is de initiator van het bouwproject. Bij de gemeente worden vergunnningen aangevraagd en zij toetsen of het plan binnen het bestemmingsplan valt. Om daadwerkelijk te bouwen worden bouwpartijen/aannemers ingeschakeld. Nieuw betrokkene is de Kwaliteitsborger. Voorheen was de gemeente verantwoordelijk voor het toetsen van het bouwplan aan het vigerend Bouwbesluit en toezicht houden op de bouw. Vanaf 2022 ligt deze taak bij de Kwaliteitsborger. Binnen het team van de Kwaliteitsborger nemen een coördinator, deskundige Bouwbesluit, planbeoordelaars en toezichthouder(s) plaats.

Wie is verantwoordelijk voor wat binnen de Wkb?

De opdrachtgever (vergunninghouder) is verantwoordelijk voor de aanstelling van een Kwaliteitsborger.

De Kwaliteitsborger heeft als wettelijke taak om op onafhankelijke en deskundige wijze toe te zien op het bouwproces. Daarbij maakt een Kwaliteitsborger gebruik van een goedgekeurd en toegelaten instrument voor kwaliteitsborging. TÜV Nederland werkt met KiK KOMO en SWK.

De rol van de gemeente is kleiner geworden na ingang van de Wkb. Zij toetsen enkel nog aan het bestemmingplan, welstand en omgevingsveiligheid. De gemeente ontvangt een risicoanalyse en borgingsplan voorafgaand aan de bouwfase. Daarnaast heeft de gemeente nog een eindcontrole functie. Daarbij controleren zij of er wordt gewerkt met een erkende Kwaliteitsborger met een erkend instrument, én of het dossier bevoegd gezag en de Verklaring compleet zijn. Hierna vindt uitsluitsel plaats of de ingebruikname van het gebouwde is toegestaan.

Na ingang van de Wkb heeft de bouwer/aannemer te maken met de meeste wijzigingen in verantwoordelijkheden. Zij zijn verantwoordelijk voor de risico- en bewijslast. Dus moeten zij een dossier opbouwen waarmee ze kunnen aantonen dat ze de gevraagde kwaliteit leveren.

Verandert de aansprakelijkheid met invoering van de Wkb?

De belangrijkste wijziging met betrekking tot de aansprakelijkheid in de bouw is dat de bewijslast bij de aannemer komt te liggen. Voor ingang van de wet is de bouwer niet aansprakelijk voor gebreken die de opdrachtgever had moeten ontdekken bij oplevering. Na ingang van de wet ligt de verantwoordelijkheid wel bij de bouwer. Door aanpassing van het Burgerlijk Wetboek, boek 7 (BW Boek 7) is de aannemer aansprakelijk voor gebreken die bij oplevering niet zijn ontdekt, tenzij deze gebreken niet aan de aannemer zijn toe te rekenen. Het risico en de bewijslast liggen bij de aannemer. Hij moet aantonen dat het gebrek er op het moment van oplevering niet was. De deskundigheid van de opdrachtgever is niet meer doorslaggevend. Daarom wordt er gedurende de bouw een dossier opgebouwd waarmee de bewijslast wordt opgebouwd voor de geleverde kwaliteit.

Het thema aansprakelijkheid begint natuurlijk wanneer een opdrachtgeven of bouwconsument aantoont dat er een gebrek is. Net als in de situatie voor de Wkb is de aannemer ook na oplevering aansprakelijk voor de fouten die hem ook daadwerkelijk te verwijten zijn. Kan een aannemer niet aantonen dat hem niets te verwijten valt, is hij dus alsnog aansprakelijk.

De Wkb is echter zo ingericht dat er zich zo min mogelijk gebreken voordoen na oplevering, maar dat deze tijdens de bouw al naar voren komen. We kenden de waarschuwingsplicht al, maar er kon niet altijd aangetoond worden dat er daadwerkelijk gewaarschuwd was. Om discussies te voorkomen moet de aannemer waarschuwingen nu schriftelijk en ondubbelzinnig rapporteren aan de opdrachtgever. En de opdrachtgever moet daarop de benodigde acties nemen.

Dit wordt dus geborgd door middel van dossiervorming. Met ingang van de Wkb is het een verplichting dat de aannemer bij oplevering een dossier bevoegd gezag overhandigt aan de opdrachtgever. In dit dossier moet duidelijk worden dat is voldaan aan alle (kwaliteits)eisen. Dit is dus feitelijk de bewijsvoering van de aannemer dat alles conform opdracht en wettelijke eisen is uitgevoerd.  

Betekent dit nu dat we na ingang van de Wkb veel minder discussies en rechtzaken hebben omtrent aansprakelijkheid? Dit moet blijken uit de praktijk. Maar als we kijken naar de situatie van voor de Wkb zien we dat het eerder uitzondering dan regel is dat aansprakelijkheidszaken in de rechtbank worden uitgevochten.

Wilt u meer weten over aansprakelijk na ingang van de Wkb?

  • Waarvoor ben ik aansprakelijk na ingang van de Wkb?
  • Wat is mijn verantwoordelijkheid na ingang van de Wkb?
  • En wat is mijn rol in dossiervorming?

In een verkennend gesprek met een specialist van TÜV krijgt u antwoord op al uw vragen omtrent de Wkb.

 

Deel deze pagina