Praktische kennis
Een gevelonderhoudsinstallatie (GOI) moet voldoen aan de toepasselijke Europese veiligheids- en gezondheidseisen. Bij nieuwe installaties en bepaalde ingrijpende wijzigingen kan daarvoor een beoordeling door een aangemelde instantie (NoBo) noodzakelijk zijn. Maar wanneer is dat verplicht en welke rol speelt NEN-EN 1808?

In dit artikel leggen we uit welke regels gelden voor CE-markering, wanneer een NoBo moet worden betrokken en wat de nieuwe Europese Machineverordening betekent voor gevelonderhoudsinstallaties.
Met een CE-markering verklaart de fabrikant dat een gevelonderhoudsinstallatie voldoet aan de toepasselijke Europese wet- en regelgeving.
Voordat een nieuwe GOI in de handel wordt gebracht of in gebruik wordt gesteld, moet de verantwoordelijke fabrikant onder andere:
Afhankelijk van het type installatie en de gekozen of verplichte beoordelingsprocedure kan hierbij een aangemelde instantie betrokken moeten worden.
Een CE-markering is geen keuringssticker. De markering heeft betrekking op de overeenstemming met Europese productwetgeving. Een periodieke GOI-keuring beoordeelt de staat en veilige werking van de installatie tijdens het gebruik.
Onder de Machinerichtlijn 2006/42/EG vallen installaties voor het heffen van personen, waarbij gevaar bestaat voor een val vanaf een verticale hoogte van meer dan drie meter, onder bijlage IV, punt 17.
Voor deze machines gelden bijzondere regels voor de beoordeling van overeenstemming.
Dit betekent niet dat iedere installatie automatisch een verplicht typeonderzoek moet ondergaan. Onder bepaalde voorwaarden mag de fabrikant de conformiteitsbeoordeling uitvoeren via interne productiecontrole.
Een aangemelde instantie, ook wel Notified Body (NoBo) genoemd, is een onafhankelijke organisatie die door een Europese lidstaat is aangewezen en bij de Europese Commissie is aangemeld om bepaalde conformiteitsbeoordelingen uit te voeren.
Niet iedere gevelonderhoudsinstallatie hoeft door een NoBo te worden beoordeeld. Of betrokkenheid verplicht is, hangt onder andere af van de machinecategorie en de toegepaste conformiteitsbeoordelingsprocedure.
Onder de Machinerichtlijn kan voor deze machinecategorie de procedure met uitsluitend interne productiecontrole worden toegepast wanneer:
Wordt niet aan deze voorwaarden voldaan, dan moet een aangemelde instantie worden betrokken via een toepasselijke conformiteitsbeoordelingsprocedure.
Bij een machine in deze categorie kan dat onder de Machinerichtlijn via een EG-typeonderzoek, gevolgd door interne productiecontrole, of via een procedure voor volledige kwaliteitsborging.
Een afwijking van een geharmoniseerde norm is niet automatisch verboden. De fabrikant moet wel aantonen dat de installatie aan alle toepasselijke wettelijke veiligheidseisen voldoet.
NEN-EN 1808 is een belangrijke Europese norm voor hangende toegangssystemen, waaronder bepaalde gevelonderhoudsinstallaties en tijdelijke hangsteigers.
De norm beschrijft onder andere eisen voor:
De toepasselijke geharmoniseerde normen helpen fabrikanten om aan te tonen dat een installatie voldoet aan de Europese veiligheids- en gezondheidseisen.
Alleen het toepassen van NEN-EN 1808 betekent niet automatisch dat een NoBo-beoordeling achterwege mag blijven.
Daarvoor moet worden vastgesteld of de toegepaste geharmoniseerde normen alle relevante essentiële veiligheids- en gezondheidseisen afdekken en volledig zijn toegepast.
Ook de uitvoering van de installatie, toepasselijke normeditie en het wettelijke kader bij de oorspronkelijke ingebruikname zijn van belang.
Een reparatie of wijziging aan een bestaande gevelonderhoudsinstallatie leidt niet automatisch tot een nieuwe CE-procedure.
Wanneer een aanpassing echter zo ingrijpend is dat de installatie volgens de toepasselijke wetgeving als een nieuwe machine moet worden beschouwd, kunnen opnieuw fabrikantverplichtingen ontstaan.
Dit kan bijvoorbeeld spelen bij veranderingen aan:
Of sprake is van een ingrijpende wijziging, moet worden vastgesteld aan de hand van een risicobeoordeling en het toepasselijke wettelijke kader.
Als een nieuwe conformiteitsbeoordeling noodzakelijk is, moet opnieuw worden bepaald welke procedure geldt en of een NoBo betrokken moet worden.
De verantwoordelijkheid ligt bij de partij die volgens het toepasselijke wettelijke kader als fabrikant van de gewijzigde installatie wordt beschouwd.
Deze partij moet onder andere aantonen dat de gewijzigde machine aan de toepasselijke veiligheidseisen voldoet en dat de noodzakelijke technische documentatie en conformiteitsbeoordeling beschikbaar zijn.
Daarom is het belangrijk om vooraf vast te leggen wie verantwoordelijk is voor het ontwerp, de risicobeoordeling, de uitvoering en de vereiste beoordelingen.
Meer weten over de praktische gevolgen van wijzigingen?
Lees ook ons kennisartikel over Gevelonderhoudsinstallatie aanpassen: wanneer is een nieuwe keuring nodig?
Vanaf 20 januari 2027 wordt de Europese Machineverordening (EU) 2023/1230 van toepassing. Deze vervangt de huidige Machinerichtlijn 2006/42/EG.
De nieuwe verordening verduidelijkt onder andere de verantwoordelijkheden bij substantiële wijzigingen aan machines en bevat aangepaste procedures voor conformiteitsbeoordeling.
Voor installaties voor het heffen van personen waarbij gevaar bestaat voor een val vanaf een verticale hoogte van meer dan drie meter, staat de betreffende machinecategorie in bijlage I, deel B, punt 14.
Ook onder de nieuwe Machineverordening kan onder voorwaarden interne productiecontrole worden toegepast. Hiervoor moet de installatie volledig voldoen aan de relevante geharmoniseerde normen of gemeenschappelijke specificaties, die alle toepasselijke essentiële veiligheids- en gezondheidseisen afdekken.
Wanneer niet aan deze voorwaarden wordt voldaan, moet een conformiteitsbeoordelingsprocedure met betrokkenheid van een aangemelde instantie worden toegepast.
Bij een typeonderzoek wordt onder de nieuwe verordening gesproken van een EU-typeonderzoek in plaats van een EG-typeonderzoek.
De nieuwe Machineverordening bevat een specifieke definitie van een substantiële wijziging.
Het gaat om een fysieke of digitale aanpassing na het in de handel brengen of in gebruik stellen die niet door de fabrikant is voorzien of gepland, de veiligheid beïnvloedt doordat een nieuw gevaar ontstaat of een bestaand risico toeneemt, en waarvoor aanvullende beschermingsmaatregelen noodzakelijk zijn zoals in de verordening omschreven.
Wanneer aan deze voorwaarden wordt voldaan, kan de partij die de substantiële wijziging uitvoert als fabrikant worden beschouwd, met de bijbehorende wettelijke verplichtingen.
Niet iedere technische aanpassing is dus automatisch een substantiële wijziging.
Een CE-conformiteitsbeoordeling en een periodieke GOI-keuring hebben verschillende doelen.
Deze beoordeling heeft betrekking op de vraag of een nieuwe of, waar van toepassing, substantieel gewijzigde installatie voldoet aan de Europese productveiligheidseisen. De verantwoordelijke fabrikant moet de juiste procedure doorlopen voordat de installatie in de handel wordt gebracht of in gebruik wordt gesteld.
Tijdens een periodieke keuring wordt de technische staat en veilige werking van een bestaande installatie beoordeeld. Daarbij controleren we onder andere slijtage, beschadigingen, veiligheidsvoorzieningen en relevante documentatie.
Een periodieke GOI-keuring vervangt een noodzakelijke CE-conformiteitsbeoordeling of beoordeling door een NoBo niet. Andersom vervangt CE-markering de wettelijke verplichtingen voor onderhoud en keuring tijdens het gebruik niet.
Bij een nieuwe of ingrijpend gewijzigde gevelonderhoudsinstallatie moet de verantwoordelijke partij kunnen aantonen dat de vereiste beoordelingen zijn uitgevoerd.
Afhankelijk van de installatie en de toepasselijke procedure gaat het onder andere om:
Bij wijzigingen moet ook duidelijk zijn welke onderdelen zijn aangepast en welke gevolgen dit heeft voor de bestaande installatie.
Ontbrekende documentatie kan aanleiding zijn voor aanvullend onderzoek of aanvullende beoordelingen voordat de veiligheid voldoende kan worden aangetoond.
Bij een nieuwe installatie of belangrijke aanpassing is het verstandig om vooraf vast te stellen welke wettelijke verplichtingen gelden.
Wanneer pas na de werkzaamheden blijkt dat een aanvullende conformiteitsbeoordeling of NoBo-betrokkenheid noodzakelijk is, kan dit leiden tot extra onderzoeken, aanpassingen en vertraging bij de ingebruikname.
Door tijdig duidelijkheid te krijgen over de toepasselijke normen, verantwoordelijkheden en benodigde documentatie, kunnen fabrikanten, eigenaren en onderhoudsfirma's beter voorbereid aan de slag.

TÜV NORD Nederland voert onafhankelijke keuringen van gevelonderhoudsinstallaties uit. Tijdens deze keuringen beoordelen onze inspecteurs onder andere de technische staat, werking, veiligheidsvoorzieningen en relevante documentatie.
Bij nieuwe of gewijzigde installaties controleren we, binnen de reikwijdte van de opdracht, ook of de benodigde conformiteitsdocumentatie en aanvullende beoordelingen beschikbaar zijn en betrekking hebben op de aanwezige uitvoering.
Meer weten over het veilig keuren van gevelonderhoudsinstallaties? Bekijk onze dienstverlening voor de keuring van gevelonderhoudsinstallaties (GOI) of neem contact op voor meer informatie.